Een hardnekkige overtuiging die ik al jaren met mij meedraag is die van het moeten waarmaken van mijn potentie.
Op de basisschool was ik het “heilige boontje”, die braverik die altijd goede cijfers haalde zonder er iets voor te doen. De nerd die in groep 7 al een CITO-score had om door te kunnen stromen naar het gymnasium. Ik deed zelfs mee aan de landelijke TopToets van Stichting Cognitief Talent in Delft, haalde de krant als een van de 30 meest getalenteerde groepachters van het land en had een glansrijke toekomst in het verschiet.
Cognitief talent. Dat had ik wel. Sterke principes ook. En in de eerste twintig jaar van mijn leven een patent op de waarheid.
Ik wist het wél. Ik wist dat ik journalist wilde worden, maar voelde mezelf te goed voor een studie Journalistiek (want dan leerde ik alleen het vak en niet de inhoud). Nee, ik moest en zou politicologie studeren om de nobele reden dat de Amerikaanse presidentsverkiezingen op dat moment op TV waren. Een politicoloog kon in elk geval iets zinnigs zeggen.
Het werd een grote deceptie. Mijn talent was niet genoeg voor een propedeuse en met de staart tussen de benen moest ik op zoek naar een andere studie.
Ken uzelf. Ik was mezelf steeds meer kwijt aan het raken. Het stuk waar ik identiteit aan ontleende (goed kunnen leren) was al aardig gehavend in de aanloop naar mijn eindexamen, wat ik met hakken over de sloot en bijles haalde. Het bindend studieadvies was de genadeklap voor mijn ego.
Sta je dan, met je goeie gedrag en je bak aan potentie.
Wat als ik “mijn” potentie nooit bereik? Is er dan iets misgegaan? En hoe kom ik er eigenlijk achter wat die potentie is? Op basis van wie ik denk te moeten zijn? Op basis van de verwachtingen die ik vanuit huis al dan niet meekreeg? Op basis van de kansen die ik heb gekregen? De optelsom van ervaringen die ik heb opgedaan? Het antwoord op die optelsom is altijd een momentopname. Ik weet niet welke ervaringen er nog op mijn pad zullen komen en alle scenario’s kunnen een ander verhaal vertellen.
De valkuil van potentie is dat het vooral gaat om mijn zelfverwezenlijking. Voor zover ik kan weten wie of wat die zelf nu is. Ik heb een dosis talent, privilege en kansen gekregen, geef het wat tijd en als een stoofpot is er opeens een gerecht. Voilá. De verwezenlijking van mijn potentie.
Deze logica leest voor mij weg als een receptenboek. Met een prachtig plaatje van het uiteindelijke gerecht erbij als een voorbeeld van een puzzel. Hoe heerlijk zou het zijn als het voorbeeld van een recept een collage is van alle amateurkoks die hetzelfde gerecht probeerden te bereiden (en faalden)? Dat het leven niet maakbaar is, begint ook bij steeds meer mensen door te dringen. Of misschien beter, opnieuw. Dat het niet maakbaar is, is voor waarschijnlijk de meerderheid van de wereldbevolking geen nieuws.
Het verhaal wat ik geloofde werd me bijvoorbeeld meegegeven in de eerste schoolweek op het gymnasium. Als de TopToets al geen indicatie was geweest dat ik bij een select clubje hoorde, dan was het wel de realisatie dat we als gymnasiumleerlingen bij de beste/slimste (?) 1% van het land hoorden. Waarom moest dat ons worden meegedeeld? De drempel om hulp te vragen was al hoog, maar werd er niet lager door.
Hoe meer ik het idee heb iemand te moeten zijn, hoe minder geloofwaardig/betrouwbaar ik me ga gedragen. Incongruentie zou je dat kunnen noemen. En een stuk vervreemding van wie je werkelijk bent.
Om het even te demonstreren. Dit stuk speelt al een tijdje door mijn hoofd. Meestal weet ik niet precies hoe ik het aan wil vliegen, dus laat ik het liggen. Gaandeweg noteer ik losse gedachten en probeer die dan op een later moment aan elkaar te rijgen. Af en toe duik ik in een konijnenhol. Dan pak ik een etymologisch woordenboek erbij (wie weet een reflex uit mijn jeugd/studietijd) en probeer ik grip te krijgen op de werkelijkheid door taalspelletjes te doen.
Zo had ik bijna een stuk geschreven over Aristoteles’ opvattingen over potentie en had ik totaal geen recht gedaan aan mijn daadwerkelijke kennis van de beste man zijn gedachtegoed. Maar ik had me dan wel geleerd gevoeld. Een beetje zelfverwezenlijking van dat beeld van de succesvolle gymnasiast/theoloog die zijn lezers weer even wat kennis zal bijbrengen.
Maar zo geleerd ben ik helemaal niet. Ik heb de ‘Retorica’ van Aristoteles ergens bijna onaangeroerd in een doorzichtige IKEA-bak op zolder liggen, wachtend op de boekenkast die ik nog in elkaar moet timmeren. Waarom zou ik dan doen alsof ik doorleefd heb wat een Griekse wijsgeer in de oudheid al optekende?
Ik kan het natuurlijk faken. Hulpmiddelen genoeg, ik hoef er niet eens voor op een knop te drukken en ik kan kiezen uit ontelbaar veel geleerde antwoorden. Maar wie bewijs ik daar een dienst mee? Is er niet al genoeg kennis? Vertellen we elkaar niet al genoeg verhalen met onhaalbare ideaalplaatjes?
Ergens de komende weken verwachten we ons derde kindje. Een wonder. In zichzelf. Zelfs voordat het geboren is. Alles zit erop, eraan, erin. Hebben we het dan over potentie? Potentie waartoe? Misschien is het helemaal niet nodig om precies te weten waartoe. En hoeven we onszelf niet langs een of andere arbitraire meetlat te leggen om iemand te mogen zijn. Zijn we precies de bedoeling en moeten we daar vooral niet teveel van afwijken. Ik weet in elk geval dat ik straks weer verliefd mag worden op een perfect gebroken wezen en ik misschien ook wel wat vaker met dat besef in de spiegel mag kijken.
Warme groet,
Ruben





Proficiat met de naderende geboorte van jullie derde kindje (een nog grotere proficiat aan de mama die 99,99 % van het creatief werk heeft gedaan).
Ook een zegen dat je weer uit eerste hand zal kunnen ervaren wat het Originele, Creatieve Zelf is waar ik vaak over schrijf. U zal de Intrinsieke Waarde van het kind ervaren nog voor het geboren wordt. Nooit zal jouw boreling meer Intrinsieke Waarde hebben dan op de dag van haar of zijn geboorte.
En dat is het grote verschil tussen 'Intrinsic worth' en 'extrinsic value'. Het eerste is ons gegeven, het tweede dienen we te verwerven en daar is de link met jouw verhaal. Welke 'extrinsieke waarde' kunnen we 'potentieel' bereiken. En terwijl onze 'Intrinsieke Waarde' onaantastbaar is en we die gaandeweg vergeten zijn, doen we er alles aan om zoveel mogelijk 'extrinsieke waarde' te verwerven. Ook door bijdragen te leveren op Substack.com of zoals ik daar comments geven.
En dan maar af en toe kijken hoeveel 'likes' is verzameld heb. Tot meerdere eer en glorie van het 'gecreëerde zelf'. Het Originele zelf kijkt er naar en kan een monkelend lachje niet onderdrukken.
Creatively,
IHC&D
Johan